Helden van het LUMC aflevering 2

Helden van het LUMC Aflevering 2: De onderwijsorganisatie

Het onderwijs maakt door de huidige situatie in de COVID-19 pandemie een snelle verandering door als het gaat om onderwijs geven en toetsen. De onderwijsorganisatie werkt dagelijks hard om met oplossingen te komen en de weggevallen contactmomenten zo goed mogelijk te ondervangen. Deze situatie vergt snelle besluitvormingen, veel overleg en duidelijke communicatie. Om dit harde werk niet onopgemerkt te laten, willen wij graag de helden van de onderwijsorganisatie in de spotlight zetten. Een aantal docenten, onderwijskundigen en de opleidingscoördinatoren van de Bachelor Geneeskunde, Bachelor Biomedische wetenschappen, en de master Farmacie zullen hieronder uiteenzetten hoe COVID-19 hun werk beïnvloed en hoe ze met deze veranderingen omgaan.

Ellis Nieveen, opleidingscoördinator Bachelor Geneeskunde

‘Als opleidingscoördinator vorm ik samen met de opleidingsdirecteur (Alexandr Sramek) het Duaal Management voor de bachelor Geneeskunde. Samen zijn wij verantwoordelijk voor een goed lopend onderwijs(logistiek) proces, onderwijsontwikkeling en de kwaliteitszorg binnen onze opleiding. We werken hiervoor samen met onze portefeuillehouder (Friedo Dekker), onderwijskundigen, onderwijsondersteuners, jaar-, blok-, en lijncoördinatoren. Daarnaast mag ik met veel plezier de afdeling Universitaire Opleidingen vertegenwoordigen in het MT DOO en stuur ik binnen onze afdeling o.a. studieadviseurs en ambtelijk secretarissen aan.’       

‘Beperkende maatregelen zijn natuurlijk ingrijpend. Tegelijkertijd merk ik een vlotte flexibele omschakeling naar de nieuwe online samenwerking, voor mijzelf en collega’s om mij heen. Dat gaat best goed! We leven in een onwerkelijke tijd, waarin veel afstemming, snelle besluitvorming en eenduidige communicatie vereist is. Dat maakt dat ik in de huidige situatie van taak naar taak kan hollen en in de ‘regel-stand’ sta. Belangrijk om juist in deze tijd ook pas op de plaats te houden en elkaar -figuurlijk dan- zo goed mogelijk vast te houden. De boodschap die we willen uitdragen is: houd het behapbaar. ‘          

‘Onderwijs gaat door, dat geldt ook voor de toetsing. Dat is een feit, maar ‘business as usual’ is het zeker niet. Wij vragen nu onwijs veel, van onze studenten én docenten die in veel gevallen ook in de kliniek staan. Wat we concreet doen: samen met de blok- en lijncoördinator en het expertiseteam Afstandsonderwijs (onderwijskundigen en onderwijsondersteuners gekoppeld aan de bachelor Geneeskunde) het bestaande onderwijsprogramma online beschikbaar maken en alternatieve toetsplannen indienen bij de Examencommissie. Hiervoor zetten we oude weblectures in, nieuwe live online colleges en online werkgroepen via Kaltura, alternatieve opdrachten, online discussies etc. Er wordt hoe dan ook veel zelfstudie van studenten verlangt. Het is uitdagend om onze grootschalige reguliere tentamens om te zetten naar alternatieve thuisopdrachten. Wij koersen daarom op thuis toetsen met de inzet van ‘online proctor-monitored toetsing’. Om dat veilig te doen zijn er veel randvoorwaarden waar we rekening mee moeten houden. Om ervaring op te doen gaan we nu starten met de afname van de eerste drie hertentamens, en daarna gaan we eventueel op korte termijn over tot de overige voorgestelde hertentamens. De afname van de (summatieve) kennis intensieve tentamens bij hele cohorten vindt de Examencommissie onder de huidige voorwaarden nog geen toelaatbare procedure. Deze tentamens worden daarom nu gepland op het einde van het collegejaar met de mogelijkheid op vervroeging.’

‘In het LUMC zijn onderwijs, onderzoek en patiëntenzorg sterk met elkaar verbonden. De artsen werken momenteel hard voor de patiëntenzorg. De continuïteit voor de zorg in verband met de Corona-epidemie is van groot belang en dat maakt het zeer inspannend voor onze docenten. Gezien deze uitzonderlijke situatie denk ik dat de snelheid van omschakeling naar omstandigheid goed gaat. We proberen het onderwijs, waar mogelijk, online vorm te geven. Wat (al) online beschikbaar is, is mooi meegenomen. Wat niet mogelijk is, moeten we mogelijk later oplossen. Specifieke onderdelen kunnen soms niet of niet geheel doorgaan, zoals praktische opdrachten die om veel klinische input vragen. Over de alternatieve vormen van onderwijs en het tentamenrooster willen we deze maand nog meer duidelijkheid geven.’

‘Het zijn bijzondere tijden voor de helden in de zorg en in ons onderwijs. Ook wel voor mensen zoals ik, die voornamelijk gericht zijn op het faciliteren van de helden in het onderwijs. Omgaan met stress betekent voor mij de focus te houden op wat wel kan en realistisch is en dat uit te dragen naar anderen om mij heen. In combinatie met onze gevleugelde uitspraak “moedig voorwaarts!”.’

‘Wij merken over het algemeen begrip vanuit studenten voor de snelle en uitdagende omschakeling naar online onderwijs. Logischerwijs is er ook frustratie over onduidelijkheden. Sommige blokken zijn door de crisis abrupt afgebroken met uitstel van toetsing naar het einde van het collegejaar. Dat kan best demotiverend werken. Vooral voor onze eerstejaars studenten is het nu pittig. Er vindt nu ook in stroomversnelling innovatie in het onderwijs plaats, een kritische blik op de hoeveelheid studiestof en toetsing, ook dat zullen studenten merken. We staan nu nog aan het begin van de omschakeling, het gaat snel beter.’        

We willen studenten aanmoedigen om tijdig contact op te nemen met de studieadviseur om samen deze onzekere tijd door te komen. Eerstejaars studenten kunnen tevens een beroep doen op hun studentmentor. Je staat er echt niet alleen voor. Maak een studieplan, blijf de studieboeken lezen, maak zelfstudieopdrachten, vind een studiemaatje om elkaar van feedback te voorzien en houd de info op Blackboard/Brightspace goed bij. We proberen studenten aan de bal te houden en bij de afwegingen die wij maken proberen wij studievertraging uiteraard te minimaliseren. Los van bepaalde praktische vaardigheden (onduidelijk is hoe lang deze beperkende maatregelen aanhouden), koersen wij erop om onderwijs en toetsing binnen de academische jaarkalender af te ronden. Heb vertrouwen in jezelf en de ander. We hopen dat studenten allemaal gezond blijven en een nieuw ritme kunnen vinden in deze uitzonderlijke tijd.’

 

Judith Havelaar, opleidingscoördinator Master Farmacie

‘Ik ben opleidingscoördinator van de master Farmacie en van de master Population Health Management i.o. Dit houdt in dat ik samen met de opleidingsdirecteur verantwoordelijk ben voor het effectief en efficiënt verloop van het onderwijs(logistieke) proces, alsmede voor de ontwikkeling en kwaliteitsborging van de opleidingen binnen het LUMC. De master PHM is nog in ontwikkeling, dus daar gaat het om de ontwikkeling van een opleiding die ook daadwerkelijk uitvoerbaar is straks. In de praktijk houd ik mij niet bezig met de inhoud (en dat is maar goed ook!) maar vooral met onderwijsprocessen. Daarin hebben inhoudsdeskundigen en studenten allemaal wensen. Ik zoek dan met hulp van verschillende afdelingen en collega’s naar een goede manier om aan deze wensen tegemoet te komen.’

‘De geoliede onderwijsmachine kwam van de een op de andere dag tot stilstand. Om studievertraging en nog meer onrust zoveel mogelijk te voorkomen, vonden wij het belangrijk het onderwijs zo snel mogelijk, in aangepaste vorm op te starten. Dat betekent in heel korte tijd allerlei zaken regelen rondom het onderwijsprogramma, de toetsen, de coschappen, roostering en online onderwijs. Mijn feitelijke werk is eigenlijk niet zo veranderd. Wel werk ik nu vanuit huis en online contact echt wel anders is dan even binnenlopen bij een collega. Maar het is nog steeds een kwestie van goed coördineren van alles dat met onderwijs te maken heeft. De verandering zit vooral in het feit dat het allemaal in een heel korte periode moet worden opgezet, nog rekening houdend met veranderende omstandigheden en besluiten. Wat we gisteren besloten is vandaag al weer achterhaalt. Snel schakelen dus. En zorgen dat betrokkenen constant blijven aangehaakt.’

‘De belangrijkste verandering in het onderwijs is denk ik wel de zeer snelle introductie van het online onderwijs. Ik kan wel zeggen dat ik mijn petje afneem voor de docenten die vol enthousiasme overuren maken om het online onderwijs op een goed doordachte manier neer te zetten. Ik weet zeker dat dit nu al een aantal mooie dingen heeft opgeleverd voor de toekomst. Het opvangen van alle veranderingen zit voor mij ook in de communicatie erover. Ik denk dat het belangrijk is alle betrokkenen steeds goed te informeren over alles wat er speelt. Dat doet het hele LUMC trouwens erg goed vind ik.’

‘Ik denk dat we het -gegeven de omstandigheden of misschien wel dankzij- het behoorlijk goed doen. We krijgen complimenten uit verschillende hoeken, niet in de laatste plaats van de studenten. Natuurlijk zijn er ook zaken die beter kunnen. Of die we graag anders zouden zien maar waar we geen invloed op hebben. Zoals de coschappen in de ziekenhuisapotheken. Die kunnen in de meeste gevallen niet gedaan worden nu. Dat levert voor studenten studievertragingen op die we helaas niet altijd kunnen oplossen. We proberen wel mee te denken over een alternatieve invulling, maar dat lukt niet altijd. Maar als ik overall kijk, ben ik echt meer dan tevreden over wat er in korte tijd is neergezet.

‘Ik ben niet zo’n stressachtige type. Wel ervaar ik een veel grotere werkdruk. Een grote werkdruk is er wel vaker, maar dan kan ik makkelijker prioriteiten stellen en een aantal zaken niet doen. Nu lijkt tegelijkertijd alles belangrijk te zijn. Gelukkig  werk ik beter onder druk dan helemaal zonder druk. Ik denk dat dat anders zou zijn als er emotionele druk bij komt, daarom heb ik grote bewondering voor de collega’s uit de directe zorg.’*

‘De studenten reageren over het algemeen echt lief en complimenteus. Zij begrijpen goed dat er ook veel tegelijk op het bord van alle onderwijsmensen komt en dat niet alles in een keer op een goede manier wordt geregeld. De eerste reacties op het online onderwijs waren -ondanks de technische hickups- positief. Wel heb ik het idee dat zowel studenten als docenten nu gaan ervaren dat online onderwijs een andere manier van onderwijs is. Online met elkaar samenwerken is voor velen geen volwaardige vervanging voor werkgroeponderwijs. En het vergt echt iets meer discipline jezelf bij de les te houden als je alleen op je kamer zit dan wanneer je met medestudenten in een werkgroepruimte zit. Tenslotte speelt een rol dat ook studenten moeten uitzoeken hoe online onderwijs precies technisch werkt en dat het niet altijd werkt zoals je wilt. Ook dat levert stress op.’

Geef ons vooral feedback als we erom vragen. Want de feedback van studenten is voor ons echt belangrijk om het onderwijs te verbeteren waar dat nodig is. En verder zou ik tegen alle studenten willen zeggen: blijf alles in perspectief zien. Deze buitengewone omstandigheden hebben gevolgen voor de hele maatschappij, ook voor de student. Het staat vast dat een aantal studenten studievertraging gaat oplopen. Dat is vervelend. Maar je hebt er bijna geen invloed op. En op een heel mensenleven is het uiteindelijk ook niet zo belangrijk meer. En tenslotte natuurlijk: zorg goed voor jezelf!’

 

Ivo de Boer, Opleidingscoördinator BW

‘Ik ondersteun en adviseer docenten, coördinatoren en opleidingsmanagement bij het vormgeven en evalueren van onderwijs en -beleid.’

‘In deze situatie is de nadruk is meer komen te liggen op didactiek van het afstandsleren en inzet van tools om dit te realiseren.’

Er is veel meer haast om dingen goed te regelen. Dit betekent dat we sneller met de juiste collega’s om tafel moeten zitten, nu dus op afstand. Er zijn ook vragen die nog niet beantwoord worden in beleid, dat moet dan snel afgestemd worden.’

‘Het lijkt nu dat de eerste onderwijsactiviteiten die zijn gaan draaien, goed gaan.’

‘Enerzijds ervaar ik meer stress doordat je thuissituatie ook aandacht vraagt. Ik heb snel geleerd om dit uit elkaar te houden, te scheiden. Dat gaat steeds beter. Anderzijds is het ook een uitdagende tijd, er moet veel geregeld worden en iedereen zit in hetzelfde schuitje. Dat geeft energie en voldoening om dit samen goed te regelen voor studenten en docenten.’

‘Realiseer je als studenten dat er alles aan gedaan wordt het onderwijs zo om te zetten dat we de hoge kwaliteit die jullie gewend zijn te handhaven. Soms lukt dit beter in het ene geval dan in het andere. Maar wees ook kritisch op wat er niet goed gaat, dan kunnen we dit verbeteren. En bedenk ook bij jezelf: wat zou ik als student in dit afstandsleren straks willen behouden als Corona achter de rug is? Er zijn veel elementen die we nu heel goed doen waar we straks mee door kunnen gaan!’

 

Ilke Jeeninga en Anneke Kramer-Top, Onderwijskundige adviseurs LUMC

‘Beide werken we als onderwijskundig adviseur bij het Onderwijs Expertise Centrum (OEC) van het LUMC. We houden we ons bezig met vragen als: ‘Hoe leren mensen?’ en ‘Hoe kunnen we het onderwijs zodanig inrichten dat je er het meest van leert?’. In ons advies nemen we de wensen/ideeën van docenten en studenten en de nieuwste inzichten uit de literatuur omtrent leren mee. Uiteraard houden we ook rekening met de mogelijkheden in de (digitale) praktijk. Ilke is in haar werk betrokken bij de Master Geneeskunde en de Medische Vervolgopleidingen en Anneke bij digitaal toetsen.’

‘Zoals jullie weten moet het onderwijs tot de zomervakantie online. Wij zijn nu gekoppeld aan de bachelor Geneeskunde en ondersteunen de coördinatoren en docenten bij het online vormgeven van hun onderwijs. We bekijken welke mogelijkheden de systemen hebben en instrueren docenten hoe ze te gebruiken. Daarnaast is Anneke met team Digitaal Toetsen nu druk met het opzetten van online proctoring. Dit is het online surveilleren bij digitale toetsen door middel van webcam en screencapture. Als dat lukt, hoeven niet alle tentamens uitgesteld te worden tot de zomerperiode.’

 

‘Het is niet mogelijk voor docenten en studenten en voor studenten onderling om samen te komen. Al het contact verloopt online. Voor bijvoorbeeld patiëntdemonstraties, snijzalen en het oefenen van lichamelijk onderzoek is het moeilijker online onderwijs te realiseren dan voor bijvoorbeeld de hoorcolleges. Er worden nu naar creatieve oplossingen gezocht. Zo gaan de werkgroepen bijvoorbeeld online plaatsvinden. Daarnaast is er een Flexpool van mensen, die ingezet kunnen worden voor het onderwijs en zijn er diverse online tools, die we kunnen gebruiken.’

‘In een korte tijd blijken we creatiever en meer te kunnen dan we misschien voor mogelijk hadden gehouden. Dat geldt voor de zorg, en ook voor het onderwijs. Coördinatoren voelen zich verantwoordelijk en proberen met de middelen die voor handen zijn studenten zo goed mogelijk onderwijs aan te bieden. Het is, ook voor ons, steeds duidelijker wat er online kan. Momenteel staan we paraat als docenten tijdens hun les onze hulp nodig hebben. Dus misschien zien jullie ons nog een keertje online voorbij komen! ‘

‘We ervaren de stress op een andere manier. Er moet veel gebeuren in een korte tijd. We willen immers dat studenten zo min mogelijk studievertraging oplopen. Soms is het moeilijk om werk en privé gescheiden te houden doordat we thuiswerken. We missen met name het wandelingetje van het onderwijsgebouw naar het ziekenhuis. Een wandelingetje buiten, op berenjacht gaan met de kinderen, informeel afspreken met collega’s voor een online spelletje helpt allemaal om te ontspannen.’

Zelf merken we dat er veel vragen en onduidelijkheden zijn onder studenten: ‘Wat gaat er door en wat niet?’. Dat is logisch want er is in deze tijd veel onduidelijk. We kunnen ons goed voorstellen dat studenten het face-to-face onderwijs missen. Onderwijs is natuurlijk ook een sociale gelegenheid. We proberen daar zeker rekening mee te houden door daar waar kan het onderwijs interactief te maken.’

Studenten moeten vooral docenten/de opleiding laten weten wat er goed gaat en wat er verbeterd kan worden. Coördinatoren, die nu net gestart zijn of nog gaan starten met hun blok of lijn, willen graag weten wat de do’s en don’ts zijn voor het online onderwijs. Verder is het goed om te beseffen dat er een groter beroep op de eigen verantwoordelijkheid van studenten wordt gedaan. Maak gebruik van elkaar door samen te werken via WhatsApp of videoconferencing en neem ook de formatieve toetsing serieus. Stop niet met leren. Of zoals Gandhi ooit zei: ‘Learn as if you were to live forever!’.’

Nikki Kromkamp, Senior Lecturer Communication in Science (CiS)

‘Zodoende heb ik een fulltime aanstelling als docent en richten wij ons op communicatieve, academische vaardigheden in GNK, BW, V&A, Pharmacy en een aantal PhD programma’s.’

 

Door de huidige situatie lijkt het alsof we in 1 klap er een nieuwe baan bij hebben gekregen: ontwikkelen van online lesprogramma’s. Omdat het online lesgeven nogal verschilt van face-to-face momenten, moeten we onze werkgroepen, opdrachten, hoorcolleges in al onze onderwijsprogramma’s veranderen.’

 

‘Hoe we ons onderwijs aanbieden is veranderd. Het is zeer belangrijk om goed na te denken over hoe je -vaardigheden- onderwijs online aanbied. Hoe zorg je voor interactie via de webcam, hoe kan je controleren dat de informatie wel goed is aangekomen, wat is de attention span voor het volgen van online-werkgroepen? Zodoende moet je de studieopzet veranderen. Wat niet is veranderd is onze inzet om studenten zo goed mogelijk te kunnen ondersteunen; zeker in deze rare tijden.’

 

‘Op geruzie met m’n computer na, vind ik het meestal een leuke uitdaging. Ik leer zelf heel veel! De meeste werkgroepen moeten we nog gaan geven (we hebben nu vooral 1-op-1 gesprekken met studenten gehad). Ik ben erg benieuwd wat daar uit gaat komen en of onze studenten nog slimme tips hebben om het online-onderwijs te verbeteren.’

 

‘Ik ervaar zeker meer stress. Het is voor ons zo belangrijk om de studenten te kunnen helpen en de verwarring te minimaliseren en nog steeds om goed onderwijs te kunnen bieden. Helaas is het soms wat chaotisch omdat we heel veel tegelijk moeten doen, wat uiteraard stress oplevert (de momenten dat je de computer uit het raam wil gooien). Zeker nu je niet met de collega’s rond het koffiezet apparaat kan staan om eens alle (werk)roddels te bespreken. Dingen die helpen: wandelen, netflix, het overhalen van mijn vriend dat dit de tijd is voor het nemen van een hond!’

 

‘De studenten reageren verschillend op de veranderingen, maar wat ons zeer opvalt is hoe gemotiveerd ze zijn om door te gaan met hun studie! Uiteraard is er ook bij hun flinke stress en onzekerheid over de hele situatie. Desondanks, lijken de studenten die we nu spreken het fijn te vinden om iets om handen te hebben. Ze zijn zeer welwillend om mee te denken over veranderingen en zijn begripvol over eventuele vertragingen in communicatie, omdat we nog hard bezig zijn.

 

‘We worden erg blij van huisdieren die in beeld komen tijdens online-werkgroepen en meetings! Geef het vooral verder op tijd aan als jullie ergens mee zitten, zo kunnen we op tijd helpen. Als jullie ook, naar aanleiding van online-werkgroepen slimme tips hebben, horen we ze graag! ‘